Scrupleton. De planeet ver weg in de ruimte. Lees vlug wat er allemaal gebeurd is.

Scrupleton
Openingsspel


Het verhaal

De welpen en kabouters hebben bij hun kampbrief een knipkaart/kamppas gekregen. Met deze pas kunnen ze een week op Scrupleton verblijven.

Wanneer de kinderen naar het kampterrein willen vertrekken, komt er opeens een auto met daarin een kapitein, een chauffeur en een Knuffie-Buffie. De kapitein steekt zijn verhaal af: "Ik ben kapitein Kork en ik kom hier voor een speciale missie. Zoals jullie zien heb ik een vreemd wezen bij me, dat niet van hier is. Het is een Knuffie-Buffie van de planeet Scrupleton. De Knuffie-Buffie wil graag terug naar zijn eigen planeet." Er zijn mensen onder jullie die een speciaal pasje hebben gekregen en dus uitgekozen zijn voor deze missie. De vraag is, of deze mensen ook werkelijk in staat zijn deze missie uit te voeren. De staf zegt dan: "Dat kan niet. We gaan op kamp, dus daar hebben we geen tijd voor." De Knuffie-Buffie wil er echter graag iets tegenover stellen. Hij biedt als beloning een verzorgde week op Scrupleton aan, als de welpen en kabouters hem terug willen brengen. Daar zeg je natuurlijk geen nee tegen, te meer omdat er de hele week twee reisleiders tot hun beschikking staan om veel van de planeet te zien.

De kapitein wil graag van het vreemde wezen af en verteld dat zijn team met een geheime machine bezig is geweest, waarmee je door de tijd kunt reizen. Hij vraagt aan de kinderen of ze de Knuffie-Buffie met deze machine terug willen brengen naar Scrupleton. Hij zegt er echter bij dat de machine nog nooit eerder gebruikt is en er dus van alles mis zou kunnen gaan.

De kinderen besluiten dan natuurlijk de Knuffie-Buffie terug te brengen. De kapitein legt de kinderen uit wat er gebeuren moet. Allereerst moet de missiegroep, onder begeleiding van de kapitein, in escorte naar de basis rijden (het kampterrein), waar de machine staat. Iedere auto wordt voorzien van een missielogo. Elke chauffeur van een missie-auto krijgt een tijdelijke missiepas.

Op het kampterrein aangekomen, zal de Knuffie-Buffie samen met de kapitein een kleine test1 doen, om te zien of de kinderen gereed zijn om door de machine te gaan. Wanneer ze deze test hebben doorstaan gaan ze een voor een in de machine en worden ze naar Scrupleton 'gebeamd'.

Als alle kinderen op Scrupleton zijn aangekomen, springt de Knuffie-Buffie een gat in de lucht. Hij is echter al weer vlug bedaard, als hij merkt dat er geen reisleiders staan te wachten. "Wat vreemd" zegt hij, "normaal staan er hier altijd twee reisleiders te wachten" en hij begint te huilen. De staf begint te sputteren dat de Knuffie-Buffie zijn belofte niet nakomt. "Waren we toch maar op kamp gegaan, dan hadden we hier nu niet gestaan". De Knuffie-Buffie herstelt zich echter vlug en neemt weer het initiatief. Hij vraagt aan de kinderen of ze willen kijken of er iets vreemds te zien is.

Buiten in het gras zijn er schroeisporen en pootafdrukken van een opgestegen Raket. Tevens ligt er een blikje met een boodschap. In deze boodschap vertellen de reisleiders wat er is gebeurt en vragen om hulp.

Toen de reisleiders hun dagelijkse inspectie van de raket hielden, steeg deze plotseling op. Ze konden er niet meer uit. De raket was blijkbaar geprogrammeerd door een ander. De boodschap vertelt verder dat ze, terwijl de raket verder vliegt, zullen proberen sporen achter te laten. Ze zullen brokken van de raketbrandstof stalachtonium (brokken aluminiumfolie) naar buiten gooien.

De kinderen volgen de sporen en vinden na een aantal brokken en opdrachten de twee reisleiders half versuft tussen de brokstukken van de raket.

De reisleiders maken kennis met de kinderen en De Knuffie-Buffie zegt dat ze de week op Scrupleton nu al helemaal verdiend hebben. Ze mogen blijven, maar kunnen niet in hun gewone kleren blijven lopen. Ze moeten de kleding aantrekken die in een grote doos tussen de brokstukken ligt.


Uitleg Test 1

Dit is een test om te kijken of de kinderen in de machine kunnen. De test bestaat uit de volgende onderdelen:

O 10 seconden je adem inhouden (terwijl je reist, krijg je even geen zuurstof door de snelheid)
O 5 keer opdrukken (om je af te zetten in de machine)
O 20 kniebuigingen (om te zien of je benen sterk genoeg zijn voor de landing)
O 1 koprol (voor het geval je verkeerd uit de machine valt)
O 5 rondjes om je as draaien met de ogen dicht (om je oriëntatie gevoel te testen).


Benodigdheden

O acteurs
O robotpakken
O Knuffie-Buffie pak (kangaroepak Smeets)
O Kapiteinspak (Axel)
O Auto voor Kapitein
O pasjes
O missielogo's auto's ouders
O blikje met boodschap
O brandstof voor brandplek
O brandstofbrokken (aluminiumfolie)
O raketbrokken (dozen)
O grote doos of kist voor T-shirts
O kamp T-shirts
O opdrachten (die reisleiders uit de raket hebben gegooid)
O stickers voor op de doos (breekbaar e.d.)

Slotspel

Er breekt paniek uit, want de pasjes zijn bijna verlopen. Als een pasje verlopen is, kun je niet meer met de tijdmachine terug.

De staf gaan met alle kinderen ergens naar het terrein op een flinke afstand van de machine iets doen (bezighouden). Op het moment dat het alarm gaat hebben de kinderen nog 30 minuten om door de machine te gaan.

Op het moment dat de kinderen willen vertrekken zijn de pasjes verdwenen. Deze zijn al met de machine weggeflitst. Om deze terug te krijgen, moet er door middel van raadsels een code gevonden worden, waardoor de machine het pakje terughaalt.

Alle kinderen worden in groepjes gedeeld en moeten een of meerdere raadsels oplossen. Dit moeten ze binnen een bepaalde tijd doen. Daarna moeten ze met de oplossingen de code maken en deze invoeren in de computer.


Benodigdheden

O reisleiders
O computergeluid paniek en tijd
O raadsels
O code
O pasjes (ingenomen en in doosje)
O computer codeschermen

Kampvuurprogramma

Donderdag 8 augustus 19:30 - 21:00


Titel / Soort activiteit

Kampvuur met vermaak F Stukje toneel, toverritueel, hapje en drankje


Inleiding / verhaal

Knuffie-Buffie is stout geweest. Ze is op het 'verboden gebied' geweest. Het is daar heel gevaarlijk. Het gevolg is, dat er daar een vloek over haar is uitgesproken, waardoor ze heel erg veranderd is (lelijk). De enige oplossing die daarvoor mogelijk is, is een toverritueel met de Scrupletonfee.

Na dit toverritueel zal Knuffie-Buffie weer haar eigen gedaante aannemen, heel gelukkig zijn en samen met de kinderen iets lekkers eten, drinken en wat zingen.


Doel

Een gezellige avond in het kampthema


Het spel / de uitvoering

Als alle kinderen bij de kampvuurplaats zitten, zal het vuur op een spectaculaire manier aangaan (Hessel en Bart). Daarna zal de verteller (Patrick) het idee geven dat we wat gaan zingen.

Wanneer hij net een liedje met de kinderen heeft gezongen (b.v. het kamplied) komt de nep Knuffie-Buffie ten tonele (Barbara). Zij vertelt met veel verdriet en wanhoop wat er met haar is gebeurd. De wijze verteller denkt diep na en heeft maar een oplossing: De toverfee (Marjon).

Deze toverfee kan alleen komen, als alle kinderen in kleermakerszit met hun handen in elkaar (handpalmen naar boven) een "Zoem"-geluid maken en de wijze verteller haar roept d.m.v. een bepaald geluid. De toverfee reageert dan met hetzelfde geluid. Als de toverfee tevoorschijn komt, vertellen Knuffie-Buffie en de wijze verteller wat er aan de hand is. De fee heeft een oplossing: Het toverritueel.

Het toverritueel zal voor een groot gedeelte uit improvisatie bestaan. Er wordt daarbij gebruik gemaakt van waxinelichtjes in een jampot, toverdrank, spreuken e.d. Uiteindelijk zal Knuffie-Buffie haar normale gedaante weer aannemen (hoe? Grote doos, tafel met lakens o.i.d.) en met de kinderen bananenbootjes maken, wat drinken en zingen omdat ze zo blij is.

Benodigdheden

O Kampvuurmateriaal (hout e.d.)
O Kleding
O Verteller
O Fee
O Nep Knuffie-Buffie
O Echte Knuffie-Buffie
O Schminck
O Ritueel
O Jampotjes
O Waxinelichtjes
O Lucifers
O Toverdrank (groene ranja) met vermicelli
O Grote ketel
O Soepketel
O Afwasborstel of wijwaterkwast
O Bananen
O Aluminiumfolie
O Hagelslag
O Ranja of chocolademelk

Karaoke

Dinsdag 6 augustus 19:30 - 21:00


Titel/Soort activiteit

Zang (muziek)


Omschrijving

Er worden groepjes gemaakt van 3 personen. Zij gaan om de beurt zingen. Ook is er een jury (en dus uiteindelijk ook een prijsuitreiking). Het programma duurt 1½ uur en op de helft (na 45 minuten) is er een pauze. De karaoke-show wordt ingekleed met een verhaal.


Het verhaal

Patrick en Adriënne zijn verkleed als maanmannetjes, komen op en beginnen te vertellen: "Wij zijn Solo (Patrick ) en Sapra (Adje) en komen uit het dorp Kanta. Wij zijn hier gekomen om jullie hulp te vragen. Er is namelijk iets vreselijks gebeurd in ons dorp. Wij leven van muziek en zonder muziek zullen we allemaal uitsterven. Toen we vanmorgen wakker werden was het doodstil. Er klonk geen muziek meer. We hebben onze oren gespitst en overal goed geluisterd, maar helaas, geen muziek."

"We hebben gehoord, dat jullie Knuffie-Buffie al goed geholpen hebben en dachten : "Misschien kunnen ze ons ook wel helpen". We willen een nieuwe muziekband maken en die mee terug nemen naar het dorp.

We spreken het volgende af: jullie zingen zo goed als jullie kunnen, dan hebben wij nog een paar leuke prijsjes van ons dorp Kanta meegenomen voor de beste. Natuurlijk weten wij zelf niet wie van jullie het beste kan zingen. Daarom hebben we twee opletters meegenomen. Hoe noemen jullie die ook al weer (Patrick helpt de kinderen met jury zeggen)? Dan komt de jury. Twee andere stafleden komen op en Patrick zegt: Opera en Karao. Het karaoke kan beginnen.


Spelregels

1. De kinderen horen zich te gedragen
2. De deelnemers moeten de tekst zingen


Het speelveld

De grote zaal


Het spel

De groepjes moeten om de beurt een liedje zingen, volgens de tekst op de TV. De jury bepaalt het aantal maandzaadjes (punten) dat de groep verdiend heeft.

Als alle kinderen aan de beurt zijn geweest, zingen Solo en Sopra nog een liedje (het kan zijn dat dit wegens tijdgebrek vervalt), om de kinderen te laten zien, dat de Kanta-bewoners wat geleerd hebben.
Daarna volgt de prijsuitreiking.

Uitbreiding

Als er tijd over is kan er gezamenlijk een liedje gezongen worden.


Benodigdheden

O TV
O Video + banden
O Verlengkabel
O Microfoon
O Versterker
O Verlichting
O Prijzen (1ste, 2de en 3de)
O Tafel + stoelen voor jury
O Papier + pen voor jury
O Versiering
O Drank + versnapering voor pauze
O 2 juryleden
O Pakken voor de jury
O Pakken voor Solo + Sopra
O Casettebandje om opname te maken voor Kanta

Sport & Spel

Zondag 4 augustus 14:00 - 16:00


Inleiding / verhaal

De kinderen worden meegenomen naar het dorp Sportavia. De stafleden die de spellen begeleiden zijn nog niet in beeld. Een ander staflid begint te vertellen dat er feest is op Sportavia en leest de uitnodiging die de kinderen gekregen hebben voor. Deze luidt: "Lieve kinderen op Scrupleton. Op 4 augustus 1996 is er een groot feest op Sportavia. Speciaal voor jullie hebben we hele leuke onderdelen bedacht. Hopelijk komen jullie. Tot dan. Hartelijke groeten uit het dorp Sportavia."

Het staflid neemt de kinderen mee naar het dorp door allemaal gehurkt te gaan zitten met de ogen dicht. Nadat er tot drie is geteld springt iedereen in de lucht. Ineens staan er dan 3 mensen van Sportavia om ze te ontvangen. Na ontvangst kunnen de spellen beginnen.

Na de spellen gaan de kinderen op dezelfde manier terug als hoe ze gekomen zijn.


Doel

Sportief en gezellig samen bezig zijn met de spellen. Om te zorgen dat ieder kind aan bod komt, worden er groepjes van 10 kinderen gemaakt.


Het spel

Er worden groepen van ± 10 kinderen. Iedere groep krijgt een kleur.

Groep 1 ð blauw
Groep 2 ð rood
Groep 3 ð geel
Groep 4 ð groen

Er zijn drie spellen (A, B en C). Spel A wordt gespeeld door twee kleuren (we nemen even blauw en rood). Dit spel duurt ongeveer 50 minuten. Spel B wordt gespeeld door een kleur (we nemen even geel) en duurt ongeveer 25 minuten. Spel C wordt ook gespeeld door een kleur (we nemen even groen) en duurt ook 25 minuten.

O Na 25 minuten ruilen geel en groen van spel, terwijl rood en blauw gewoon doorgaan.
O Na 25 minuten (dus in totaal 50 minuten speeltijd) gaan geel en groen naar spel A, blauw gaat naar spel B en rood gaat naar spel C.
O Na 25 minuten ruilen rood en blauw van spel, terwijl geel en groen gewoon doorgaan met spel A.


Spel A Moerashappen (begeleid door Adje)

Dit spel wordt gespeeld door twee groepen (ongeveer 10 kinderen per groep) en duurt 50 minuten. Het spel wordt gespeeld volgens het softball-principe. Er zijn 4 honken (badjes met modderwater). In plaats van een softball wordt er een schuimbal gebruikt, die ze het veld in moeten gooien (i.p.v. slaan).


De regels

O De werper mag 1x gooien binnen de honken
O er mogen niet meer dan 2 personen tegelijk op een honk
O Komt er toch een 3de persoon bij, dan moet de 1ste persoon door naar het volgende honk
O De spelers zijn pas veilig, als ze met de billen in het badje zitten
O Het spel ligt stop, als de bal gevangen wordt door de tegenpartij
O Het spel ligt stop als de bal terug is op het thuishonk
O Iemand is af als hij/zij die gegooid heeft niet op tijd op het honk is, voordat het spel stop ligt. Dit telt natuurlijk ook voor de anderen die al op een honk stonden
O Iemand is af als hij/zij afgetikt wordt door de tegenpartij, voordat hij/zij op een honk zit


Benodigdheden

O 4 zwembadjes
O 2 zachte ballen
O thuishonk


Spel B Blubber Volley

Dit spel wordt gespeeld door 1 groep en duurt 25 minuten (1x ca. 10 kinderen).
Maak 2 groepjes van ca. 5 kinderen en span een lijn (hopelijk tussen 2 bomen en anders tussen tafels of stoelen). Dit spel wordt gespeeld volgens het volleybalprincipe, maar dan met waterballonnen i.p.v. een bal.


Regels

De partijen moeten de ballon overgooien van partij naar partij. Daar waar de ballon kapot valt krijgt de tegenpartij een punt. De waterballonnen moeten binnen het afgezette gebied blijven (afzetten m.b.v. pionnen). Gebeurt dit niet, dan krijgt de tegenpartij een punt.


Variatie

Met 2 waterballonnen tegelijk


Benodigdheden

O Veel waterballonnen
O Emmers
O Pionnen
O Een lijn als net
O Een extra staflid om het spel te begeleiden

Spel C Planeet veroveren + Sterwerpen

Het spel bestaat uit 2 spellen (planeet veroveren en sterwerpen), wordt gespeeld door 1 groep (1x ca. 10 kinderen) en duurt 2x 12 minuten.


Planeet veroveren

Er worden 2 groepjes gemaakt van ca. 5 kinderen. Verder worden er twee evenwijdige lijnen gespannen, met een afstand van ca. 10 meter.

Regels

Ieder groepje gaat achter een lijn staan. Iedere speler krijgt een nummer (1 t/m 5). In het midden ligt een planeet (tennisbal met folie eromheen. De spelleider roept een nummer (b.v. 5). De persoon van elke groep met dat nummer rent zo vlug mogelijk naar de planeet en probeert achter zijn/haar eigen lijn te krijgen. Hij/zij is pas veilig als de lijn van de eigen groep wordt gepasseerd, zonder afgetikt te zijn. Als het hem/haar lukt de planeet over de eigen lijn te krijgen, verdient die groep 2 punten. Als de speler van tegenpartij hem/haar weet te tikken krijgt die partij een punt. Als een speler de planeet heeft aangeraakt, moet hij/zij er ook mee lopen.


Benodigdheden

O 4 pionnen
O bloem
O een planeet (2 tennisballen in folie gewikkeld)


Sterwerpen (spelleider Marion)

Er worden 2 groepjes gemaakt van ca. 5 kinderen. Het spel duurt ongeveer 12 minuten. De spelers staan in 2 rijen tegenover elkaar (ieder heeft een partner tegenover zich). Op een teken van de spelleider, worden de sterren (waterballonnen) overgegooid. De ontvanger gooit de ster op teken van de spelleider terug en de afstand tussen de 2 partners wordt steeds groter. Het tweetal wiens ster het langst heel blijft heeft gewonnen.


Benodigdheden

O Veel waterballonnen
O Emmers


Benodigdheden Algemeen Spel C

O Sportavia kleding
O Uitnodiging

Rustige activiteit

Zondag 4 augustus 18:00 - 20:30 (Adje / Joep / Claudia)


Het Doel

Het doel van deze activiteit is even bij te kunnen komen van alle nieuwe indrukken en het eten rustig te kunnen laten zakken.
We gaan een quiz spelen, die uit een aantal vragen bestaat (ja-/nee vragen en meerkeuzevragen). Tevens worden er door de stafleden verhaaltjes verteld en de kinderen moeten raden of deze waar, of niet waar zijn.


Het spel

Het spel wordt in de binnenzaal gespeeld. Daarvoor worden de banken en/of stoelen als volgt neergezet:

Zorg dat de bordjes bij iedere rij liggen. Dus een:
O Nee-bordje en Ja-bordje
O A-, B- en C-bordje
O Waar- en Niet waar-bordje

Leg tevens de vragen en de gekke-quizmasters-kleding klaar

Leg de andere stafleden ruim van te voren uit wat de bedoeling is van een waar-/niet waar-verhaal. Het verhaal moet niet te lang zijn en spreek af wie het ware verhaal gaat vertellen.


De uitvoering

De quizmasters leggen de quiz speels uit, gebruik makend van het Scupleton thema. Er zijn 2 quizmasters, waarvan er een het scorebord bijhoudt. De kinderen worden (van te voren vanwege de sterkte) in groepjes verdeeld. De groepjes krijgen een eigen naam op het scorebord. Op iedere bank of rij stoelen gaan 6 kinderen achter elkaar zitten.

Als eerste onderdeel zijn er de ja-/nee-vragen. Daarna de waar-/niet waar-vragen en als laatste de a-/b-/c-vragen. Alle groepen spelen tegelijkertijd mee. Er wordt een vraag gesteld en de voorste persoon op de bank/rij houdt het bordje met het antwoord namens de groep omhoog. Voor ieder correct antwoord verdient de groep een punt, dat geturfd wordt op het scorebord. Na iedere vraag gaat de persoon vooraan op de bank/rij achteraan zitten, zodat ieder lid van de groep een keer het bordje omhoog kan houden.

Als de vragen gesteld zijn, moet er een winnaar uit de bus komen. Bij gelijk spel spelen de winnende groepen nog door. Iedere lid van de winnende groep krijgt een medaille.

De Ja-/Nee-vragen

1. Is een krokodil groter dan een alligator? Nee
2. Is een muis een kuddedier? Nee
3. Is een bizon een rund? Ja
4. Ontstaan alle vlinders uit een rups? Ja
5. Kan een struisvogel vliegen? Nee
6. Is een walvis een zoogdier? Ja
7. Slaapt een haai ooit? Nee
8. Leeft een tijger in roedels? Nee
9. Heeft een leeuwin manen? Nee
10. Leeft een poema in de bergen? Ja
11. Is een kuikendief een roofvogel? Ja
12. Heeft een groene specht een rode kop? Ja
13. Is een boekenworm een echte worm? Ja
14. Is een vogelbekdier een vogel? Nee
15. Is een zeekomkommer een vis? Nee, een weekdier
16. Heeft een haas een hol? Ja
17. Is een bunzing een klein roofdier? Ja
18. Is een mandril een aap? Ja
19. Is Dagobert Duck de neef van Donald Duck? Nee
20. Is Tasmanium Devil een vriendelijke stripfiguur? Nee
21. Is Elmira een stripfiguur? Ja
22. Is Billy Turf een stripfiguur? Ja
23. Is Dennis een lieve zoon? Nee
24. Is Lambik sterker dan Jerom? Nee
25. Zijn Suske en Wiske broer en zus? Nee
26. Heeft tante Sidonia een lange neus? Ja
27. Heeft Guus Geluk altijd geluk? Nee
28. Is Donald Duck een Loony Tunes? Nee
29. Is Tweety het vriendje van Sylvester? Nee
30. Kwik Kwok en Kwek. Klopt dit? Nee
31. Is Dagobert Duck rijk? Ja
32. Is Mickey Mouse verliefd op Katrien? Nee
33. Is Goofy een hond? Ja
34. Is een imker een bijenhouder? Ja
35. Is een infectie een besmetting? Ja
36. Betekent intelligentie denkvermogen? Ja
37. Is wodka afkomstig uit Rusland? Ja
38. Eten Belgen de meeste friet? Nee
39. Is een rabbijn een soort diamant? Nee, dat is een robijn
40. Is een zeppelin een soort boot? Nee
41. Is Avignon de hoofdstad van Frankrijk? Nee, Parijs
42. Is Amsterdam de hoofdstad van Nederland? Ja
43. Is Pisa de hoofdstad van Italië? Nee
44. Is Madrid de hoofdstad van Portugal? Nee
45. Ligt Amerika in Nederland? Ja
46. Heeft een sopraan een lage zangstem? Nee
47. Heeft de aarde 12 uur nodig om om haar as te draaien? Nee
48. Heeft de maan kraters? Ja
49. Is de raket door de Chinezen uitgevonden? Ja
50. Is Mercurius een planeet? Nee


A/B/C-vragen

1. Hoe heet de populairste groep van Engeland die alleen uit jongens bestaat?
a) Take Five
b) Take Wath
c) Take That


2. Waar zijn de smurfen sinds kort dol op?
a) Irene Moors
b) Smurfentaart
c) Housen


3. Johan Straus is beroemd om zijn?
a) Walsen
b) Winer Snitzels
c) Tango's


4. Wie presenteert de Mega-Top 50
a) Tim Immers
b) Gijs Staverman
c) Martijn Krabbé


5. Welk instrument hoort niet in dit rijtje thuis?
a) Harp
b) Trompet
c) Viool


6. Hoe heet het baasje van Samson?
a) Gert
b) Bert
c) Fred


7. Wie presenteren Telekids op zaterdagmorgen?
a) Anniko en Irene
b) Irene en Carlo
c) Carlo en Anniko


8. Hoe heet het paard uit de Mega Blubber Powerrace?
a) Hannie de hengst
b) Harrie de hengst
c) Clara 12


9. Wie heeft dit jaar de jongens/meisjes gewonnen bij Telekids?
a) de meisjes
b) de jongens
c) allebei

10. Wat moeten de jongens doen als er meidengeheimen bij Telekids komt?
a) weggaan
b) stil blijven zitten
c) goed opletten


11. Van hoe laat tot hoe laat is Telekids op zaterdag?
a) 10.00 tot 13.00 uur
b) 08.00 tot 12.00 uur
c) 07.00 tot 12.00 uur


12. Hoeveel koekjes zitten er in een pakje Samson koekjes?
a) 2
b) 3
c) 4


13. Welke van deze planeten is geen planeet?
a) zon
b) Mercurius
c) Venus


14. Is Knuffie Buffie?
a) Rood
b) Paars
c) Rose


15. Welke tekenfilm speelt zich af in de ruimte?
a) de Jetsons
b) Scoobi Doobi Doo
c) Flintstones


16. Wat mag je doen als je een vallende ster ziet?
a) langer op blijven
b) een wens doen
c) heel hard gillen


17. Wanneer zie je veel sterren?
a) als er veel wolken zijn
b) als het niet bewolkt is
c) als het licht is


18. Welke is geen sterrenbeeld?
a) Stier
b) Krab
c) Steenbok


19. Welke is geen sterrenbeeld?
a) Zeepaard
b) Waterman
c) Vissen


20. Wie heeft Scouting opgericht?
a) Lady Towel
b) Baden Novel
c) Baden Powell


21. Hoe heet ons H.K.?
a) De Blokhut
b) De Vaart
c) St. Jozef Hut


22. Hoe heet de oudste speltak?
a) Esta's
b) Pino's
c) Pivo's


23. Hoe heet de oudste speltak alleen voor meisjes?
a) Rowans
b) Pivo's
c) Sherpa's


24. Hoe noemden ze de Scouting vroeger ook wel?
a) Padvinders
b) Spoorzoekers
c) Woudlopers


25. De Kabouters zitten in dorpjes, de Welpen in Nesten en de Verkenners in?
a) peletons
b) patrouilles
c) kolonnes


26. De Welpen en Kabouters dragen groene blouses. Wat dragen de bevers?
a) rode truien
b) gele truien
c) blauwe truien


27. Met palen en touwen iets bouwen heet?
a) foerageren
b) knopen
c) sjorren

28. Iemand die zich altijd bezighoudt met het materiaal heet?
a) hopman
b) materiaalmeester
c) voorzitter


29. Iemand die zich bij Scouting met het eten bezighoudt heet?
a) hopman
b) kok
c) foeragemeester


30. Een brontosaurus is een?
a) walvis achtig dier
b) voorwereldrijk dier
c) hertensoort


31. Een panda is een?
a) hond
b) kat
c) wasbeer


32. Edelweis is een?
a) ijsbeerras
b) pinguin
c) alpen-plaatje


33. Een ficus is een?
a) schildpad
b) bloem
c) tropische boomsoort


34. Het vogelbekdier leeft in?
a) Australië
b) Japan
c) Suriname


35. Coniferen zijn?
a) salamanders
b) naaldbomen
c) vissen


36. De mistral is een koude wind in?
a) Siberië
b) Frankrijk
c) China

37. De golfstroom is een warme zeestroom vanuit?
a) de golf van Biskaje
b) de gold van Mexico
c) de Perzische golf


38. De tarantula is?
a) een wervelstroom
b) een giftige spin
c) een paddestoel


39. De pels van een luipaard is?
a) geel met zwarte strepen
b) geel met zwarte vlekken
c) egaal geel


40. Een geitenmelker is een?
a) soort nachtzwaluw
b) sijsjeslijmer
c) klimplant


41. Een carnivoor is een?
a) alles eter
b) planten eter
c) vleeseter


42. Een kameleon is bekend om het vermogen?
a) onder water te jagen
b) van kleur te veranderen
c) korte tijd onder water te leven


43. De kleinste soort kolibrie is niet groter dan een?
a) zebra
b) mier
c) hommel


44. Het gewicht van een rivierschildpad is maximaal?
a) 50 Kg
b) 500 Kg
c) 250 Kg


45. Een zeekat is een?
a) inktvis
b) walvis
c) rob (zeehond)


Benodigdheden

O ja/nee en a/b/c-vragen
O 7 ja-bordjes
O 7 nee-bordjes
O 7 a/b/c bordjes
O 7 banken of ± 42 stoelen
O 6 medailles + 1 reserve
O groot vel papier als scorebord + viltstift
O indeling groepjes
O 7 waar-/niet waar bordjes
O verkleedspullen quizmasters


Levensbeschouwing

Dinsdag 6 augustus 18:30 - 19:30uur
Marjon / Claudia


Het doel

De kinderen kennis laten maken met een andere vorm van levensbeschouwing


De strategiebepaling

De ruimte : Verschillende locaties binnen het gebouw
De taakverdeling (4 groepen van ± 10/11 kinderen):

Groep 1 Marjon + Patrick
Groep 2 Bart + Adriënne
Groep 3 Hessel + Barbara
Groep 4 Claudia + Joep


De Voorbereiding

De andere stafleden inlichten wat de bedoeling is. Zorgen voor de kleurenkaartjes en de dobbelstenen.


De uitvoering

De kinderen worden in groepjes (10/11 kinderen) verdeeld. Twee stafleden, zoals hierboven vermeld, gaan met een groepje in een aparte ruimte zitten, nadat we het spel in de hele groep hebben uitgelegd.


Het Spel

Om de beurt mogen de kinderen met de keurendobbelsteen gooien. De kleur die ze gooien, hoort bij een bepaalde categorie vragen. De kaartjes hebben dezelfde kleur als op de dobbelsteen.

De dobbelsteen heeft de volgende vlakken: Rood (2x), Blauw (2x) en Geel (2x).

Rood (Verstandelijk gehandicapten)

1. Weet je wat verstandelijk gehandicapten zijn? Waar denk je aan?
2. Waar wonen deze mensen?
3. Moet je wel eens om ze lachen?
4. Vind je ze een beetje eng, of juist niet?
5. Heb je wel eens een verstandelijk gehandicapte gezien?
6. Kunnen deze mensen er wat aan doen dat ze zo zijn?
7. Wat voor werk hebben sommige?

Blauw (Lichamelijk gehandicapten)

1. Wat wordt er volgens jou bedoeld met een lichamelijk gehandicapte?


Blind:

Opdracht: Maak 2-tallen. 1 persoon wordt geblinddoekt en de ander leidt hem/haar door het lokaal/zaal. Daarna worden de rollen omgedraaid.

1. Hoe voelt het om te leiden?
2. Hoe voelt het om geleid te worden?
3. welk zintuig is extra goed ontwikkeld bij iemand die niet kan zien?
4. Noem een hulpmiddel voor iemand die niet goed kan zien.

Rolstoel:

1. Wat kun je allemaal minder makkelijk als je in een rolstoel zit?
2. Noem een aantal voorzieningen op die speciaal voor mensen met een rolstoel zijn gemaakt?

Stotteren (een spraakgebrek waar zo'n 10.000 mensen in Nederland last van hebben)

1. Wat gebeurt er als iemand stottert?
2. Hoe kun je een stotteraar helpen?


Geel (discriminatie/anders zijn)

Mensen met een gele, rode, zwarte of witte huid leven op dezelfde aardbol, hebben op tijd en stond voedsel nodig en willen gelukkig zijn. Stel je voor dat er slechts 1 ras op aarde zou leven. Een kleur over de hele wereld. Dat zou pas vervelend en saai worden. Verschillende rassen geven kleur aan de mensheid, maken er een bonte wereld van, maar onder die huid hebben we veel gemeen.

1. Zitten er bij jou in de klas kinderen die uit een ander land komen?
2. Heb je een vriendje/vriendinnetje uit een ander land?
3. Worden er kinderen die buitenlands zijn wel eens gepest?
4. Weet je misschien waarom ze gepest worden?
5. Alle mensen zijn gelijk. Waarom?
6. Pest jij wel eens? Ken je anderen die pesten?
7. Hoe voel je je als kinderen jou pesten?
8. Hoe denk je dat iemand zich voelt die gepest wordt?

Een kind mag zelf de vraag voorlezen en als eerste antwoorden. Daarna gaan we erover praten met de hele groep. Je hoeft niet alle vragen te beantwoorden. Het gaat erom dat je met de kinderen over een bepaald onderwerp praat. Je hoeft het gesprek niet af te kappen als het voor de kinderen nog interessant is en omdat je de rest van de vragen nog wilt beantwoorden. Je kunt zelf de vragen eruit halen, waarvan je denkt dat ze interessant zijn voor je groepje als je niet alle vragen kunt beantwoorden. Zorg ervoor dat alle kinderen aan het gesprek deelnemen. De een mag best wat meer zeggen dan de ander, dat maakt niet uit. Hou als leiding het gesprek lopende. Help de kinderen als ze de vraag niet begrijpen. Leg het uit met een voorbeeld, of door er zelf wat over te vertellen. De kinderen kunnen daar dan weer op reageren. Zorg ervoor dat de stof niet te zwaar wordt voor de kinderen.

De laatste 10 minuten komen alle groepjes weer bij elkaar. We gaan in een grote kring zitten. Een à twee kinderen per groepje mogen in het kort vertellen waar ze het over gehad hebben in hun groepje.

Benodigdheden

O Kleurendobbelstenen (4x)
O Kleurenkaartjes met opdrachten (4x3)


Ochtendgymnastiek

Zondag 08:30 - 09:00
Maandag 09:00 - 09:30
Woensdag 08:30- 09:00
Donderdag 08:30- 09:00
Vrijdag 08:30- 09:00


Het doel

Het doel van deze activiteit is om de kinderen in de vroege ochtend op een sportieve/speelse manier wakker te laten worden.


De strategiebepaling

De ruimte buiten, bij slecht weer in de binnenzaal
De tijd ± 15 minuten to een half uur


De voorbereiding

Ophangen van het tekstbord en de cassetterecorder klaarzetten.


De uitvoering

De eerste keer nemen we samen met de kinderen de tekst op het tekstbord door. We leggen uit wat de bedoeling is en vertalen de Engelse woorden samen met hun.

Dan beginnen we met de ochtendgymnastiek. De kinderen moeten de handelingen doen die gezongen worden. Patrick en Claudia zullen alles voordoen en de kinderen doen dit na.

Het liedje wordt twee keer afgedraaid. Tevens zullen we de eerste keer een kort verhaaltje vertellen over Superman die op Scrupleton woont (improvisatie).


Superman Dans Instructie

Klap in je handen en buig je knieën op de muziek.

Sleep Slaap Hou je handen tegen elkaar en buig ze naar je rechterhelft en linkerhelft van je gezicht

Wave Zwaai Handen in de lucht van onder naar boven. Buig je lichaam en strek

Hitch a ride Liften Wijs met je duim eerst over je rechter schouder en dan over de linker en doe net alsof je auto's voorbij ziet rijden

Sneeze Niezen Hou je hand onder je neus en zeg: atchie

Walk Lopen Loop 4 stappen vooruit en 4 achteruit

Swim Zwemmen Maak met je armen een zwembeweging

Ski Skiën Buig je knieën en hou zogenaamd skistokken vast. Maak linkse en rechtse bewegingen

Spray Spray Doe net alsof je deodorant onder je linker- en rechterarm spuit

Macho Macho Laat je spierballen zien

Horn Toeter/claxon Steek je handen vooruit en druk ze samen naar beneden en doe alsof je op een claxon drukt. Zeg: Toeoeoet

Bells Klokken Doe net alsof je aan de bel trekt

Ok Ok Maak het Ok teken met je duim

Kiss Kus Geef kushandjes

Comb hair Haar kammen Kam je haar met een denkbeeldige kam

Wave (zie vorige)

Wave (zie vorige)

Superman Superman Rechterarm voor je uit wijzen richting lucht. Linkerbeen naar achteren houden in de lucht en roep: Superman, whoaa

Bij alle oefeningen maak je de bewegingen links en rechts. Alle oefeningen worden 4x op de muziek gedaan. Alleen in de laatste ronde wordt alles 2x gedaan. De muziek is opbouwend van langzaam naar snel.


Benodigdheden

O Radio-/cassettedeck
O Verlengsnoer
O Bandje met Superman
O Tekstbord

Bosspel

Woensdag 7 augustus 14:00 - 17:00 uur
Hessel + Claudia


De strategiebepaling

De ruimte : Het afgezette gedeelte van het bos

De Taakverdeling

Claudia Knuffie-Buffie (coördinatie van het spel) + evt. post 5 of 6
Hessel Slechtziende Hobook bos / Toneelspel samen met Knuffie-Buffie
Joep Slechtziende Hobook bos
Barbara Post 1
Adriënne Post 2
Patrick Post 3
Marion Post 4
Bart Post 5 + 6

De voorbereiding

O Spel uitleggen
O Posten klaarzetten
O Verkleden
O Dobbelsteen + kleurenstenen
O In de groepjes v/h kamp

De uitvoering / Het verhaal

De Knuffie-Buffies zijn lieve, zachte wezens op de planeet Scrupleton. Zij leven van vruchten uit bomen, die ze zelf planten. Ze planten gekleurde stenen, waaruit deze vruchtbomen ontstaan. De Knuffie-Buffies leefden tot op heden vredig in de vruchtbossen, die in het hoge bim-bam gebergte liggen.

Dat is nu volledig voorbij, want de slechtziende Hoboken hebben alle gekleurde stenen gestolen. Zij kunnen daar energie uit halen voor hun wapens met gekleurde stralen. De Knuffie-Buffies hebben bijna geen voedsel meer en dreigen uit te sterven. Ze vragen de Welpen en Kabouters te helpen met het terugvinden van de kleurenstenen.

De Knuffie-Buffies hebben een deal met de slechtziende Hoboken gesloten. Als de Knuffie-Buffies met hulp van de Kabouters en Welpen de kleurenstenen terug kunnen verdienen zijn ze gered.


Speluitleg

De kinderen gaan in 6 groepjes van 7 kinderen 6 posten af, die ergens in het bos zijn. Op iedere post moeten ze een opdracht uitvoeren om een aantal kleurenstenen terug te verdienen. De groepjes krijgen een kaartje met daarop aangegeven in welke volgorde ze de posten af moeten gaan. Op elke post zit een slechtziende Hobook die de opdracht uitlegt. Verder zullen er twee Hoboken door het bos lopen, die proberen de gewonnen stenen van de kinderen af te nemen. Dit zullen ze doen door een groepje aan te houden. De kinderen mogen 3x met de kleurendobbelsteen gooien. Het lot zal bepalen hoeveel kleurenstenen de kinderen moeten afgeven. Alle kleurenstenen zijn gelijk.

Rood ð 5 kleurenstenen afgeven
Geel ð 3 kleurenstenen afgeven
Blauw ð 1 kleurensteen afgeven
Wit ð Geen kleurensteen afgeven
Wit ð Geen kleurensteen afgeven
Wit ð Geen kleurensteen afgeven

Gooit een groepje 3x rood, dan zullen ze 15 kleurenstenen moeten afgeven. Gooit een groepje 1x geel + 1x blauw + 1x wit, dan zullen ze 4 kleurenstenen moeten afgeven.

De Hoboken zijn slechtziend, dus kunnen ze de kids niet zomaar aanhouden. Ze lopen met gespitste oren door het bos, dus de kinderen moeten heel erg stil zijn en sluipen. Als alle kinderen alle posten zijn afgegaan, is het spel afgelopen. De kleurenstenen van alle groepjes worden opgeteld en de Hoboken zullen aangeven of ze zich gewonnen geven (ja natuurlijk)


De Posten

Post 1 Eierenspel

Probeer met een jeu de boules bal het hardgekookte ei dat in een gaatje staat van een stuk stam het ei te raken zodat er een barst in komt. Iedereen mag 2x proberen. Per geraakt ei krijgt het groepje 10 kleurenstenen.


Post 2 Waslijn

Er hangt een waslijn op. Er liggen een aantal theedoeken en wasknijpers. Ieder kind krijgt 1 minuut de tijd om zoveel mogelijk theedoeken aan 2 knijpers op te hangen. Per theedoek 3 kleurenstenen.


Post 3 Overgooispel

Er worden 2-tallen gemaakt. Gooi met een hardgekookt ei over naar de persoon tegenover je. Maak de afstand steeds groter. Per meter krijg je 2 kleurenstenen. Beslis zelf wanneer je stopt met de afstand te vergroten, want als het ei valt heb je nul punten. Is je groepje met een oneven aantal personen, dan mag een persoon dubbel.


Post 4 Tekenhints

De slechtziende Hobook heeft een aantal kaartjes met tekenopdrachten. Telkens mag iemand van het groepje tekenen en de anderen moeten raden. Het groepje heeft 10 minuten tijd om zoveel mogelijk tekeningen te raden. Per tekening 4 kleurenstenen.


Post 5 Puzzels

Los zoveel mogelijk raadsels en puzzels op in 10 minuten met je hele groepje. Na de tien minuten worden ze pas nagekeken. Per raadsel/puzzel 4 kleurenstenen.


Post 6 Hangspel

Probeer een minuut aan de honkbalknuppel in de boom te hangen. Iedereen mag 1x proberen. Zijn de 10 minuten nog niet om, dan mag iemand dubbel. Iedereen die de minuut volmaakt krijgt 5 kleurenstenen.

Post 5 + 6 zijn bij elkaar, omdat er anders niet genoeg stafleden zijn.

Benodigdheden

O Fluit
O Rose pak Marion
O Schminck + kleding Hoboken
O Kleurenstenen (verknipt papier in de kleuren rood, geel, blauw en groen)
O Kleurendobbelsteen
O Post 1
O ± 20 hardgekookte eieren
O jeu de boulesballen (min. 2)
O stuk stam
O kleurenstenen
O Post 2
O waslijn/touw
O ± 10/15 theedoeken
O mandje wasknijpers
O kleurenstenen
O Post 3
O meetlint
O 20 zachte eieren
O kleurenstenen
O Post 4
O tekenpapier
O stiften
O opdrachtenkaartjes
O kleurenstenen
O Post 5
O pen
O papier
O puzzels/raadsels
O kleurenstenen
O Post 6
O stevig touw
O honkbalknuppel
O stopwatch
O kleurenstenen

Avondspel

Het Verhaal

De kinderen liggen in bed en alles is rustig. Het lijkt een vredige nacht te worden, totdat ....
Hé, wie deed het licht uit? Ik was het niet. De radio doet het ook al niet meer. Er breekt een lichte paniek uit onder de staf. Ze besluiten de stoppenkast te controleren, maar ook daar is niets te vinden. Het probleem begint een ernstige vorm aan te nemen en de staf besluit de kinderen voor de zekerheid te wekken.

Opeens horen ze buiten een enorm gestommel. De hele groep begeeft zich naar buiten. De staf besluit de energiecentrale te gaan controleren. Bij de energiecentrale aangekomen, zien ze nog net 5 vreemde figuren weglopen met de energiestaven in de hand. Zonder energie is Scrupleton verloren.

De rest van de omgeving is al overgegaan op noodstroom, maar het ziet er niet naar uit dat onze groep daar ook gebruik van mag maken. Er zit niets anders op dan het probleem zelf maar op te lossen en te proberen de energiestaven terug te stelen.

De staf besluit de energievreters te volgen. Iedereen moet doodstil zijn. De groep volgt de energievreters tot aan het bos. Daar zien ze tot hun verbazing dat de energievreters ieder naar hun eigen hol gaan. De staf vraagt de kinderen wat te doen. De groep moet in ieder geval opgesplitst worden om elke energievreter te kunnen volgen.

De energievreters moeten tot op een paar meter genaderd worden en daar moet gewacht worden tot ze gaan slapen. Als ze slapen kunnen de kinderen een voor een proberen een energiestaaf terug te veroveren. Hopelijk bemachtigen ze genoeg staven om de energiecentrale weer op gang te krijgen.


Benodigdheden

O energiecentrale
O energiestaven (42)
O kleding energievreters
O hol (5x) energievreters
O bordjes noodstroom